Evaluatie van governance moet verzekeraars echt iets opleveren
Uit een themaonderzoek in 2025 bleek dat diepgang, reikwijdte, frequentie en verdeling van verantwoordelijkheden verschillen, ook tussen vergelijkbare verzekeraars. DNB adviseert daarom de aanpak vast te leggen in beleid, bijvoorbeeld in het governancehandboek. Zo blijft de evaluatie consistent, ook bij personele wisselingen. Het bestuur is eindverantwoordelijk, maar de uitvoering kan bij de bestuurssecretaris liggen, met input van sleutelfuncties en de raad van commissarissen. De frequentie hangt af van de omvang: grote verzekeraars evalueren jaarlijks, kleinere eens per twee of drie jaar. Bij een overname, reorganisatie of strategiewijziging hoort een tussentijdse evaluatie.
Het lastigste onderdeel is de beoordeling van de werking. Daar is geen voorgeschreven methode voor, maar het bestuur moet zijn keuze motiveren. DNB noemt als goede voorbeelden zelfevaluaties, medewerkersenquêtes en een standaard oorzaakanalyse na elk incident. Ook terugkijken op impactvolle besluiten helpt: the proof of the pudding is in the eating. Het bestuur trekt een conclusie over de doeltreffendheid, legt verbeteracties vast en bespreekt het rapport met de raad van commissarissen. Een governance-evaluatie is daarmee niet alleen een verplichting, maar vooral een instrument om te leren en te verbeteren.
Dit is een samenvatting van het volledige artikel op de site van DNB.